Zelfstandig ondernemer of toch resultaatgenieter?
Een belastingplichtige voert drie activiteiten uit: boekhouden, kavelhandel en loodgieterswerk in Duitsland. Hoewel hij zichzelf als ondernemer beschouwt, oordeelt de Belastingdienst anders. De inspecteur kwalificeert zijn inkomsten als resultaat uit overige werkzaamheden. Bovendien weigert hij de huisvestingskosten in aftrek te brengen en accepteert hij de zelfstandigenaftrek niet.
Geen ondernemer
De rechtbank bevestigt het standpunt van de Belastingdienst om verschillende redenen:
- Beperkte zakelijke structuur. Bij alle drie de activiteiten was er slechts één opdrachtgever en ontbraken plannen voor uitbreiding. Dit wijst meer op incidentele werkzaamheden dan op een echte onderneming.
- Minimale activiteit. De boekhoudwerkzaamheden genereerden een zeer bescheiden omzet van slechts € 867,79, met minimale tijdsbesteding. De kavelhandel leverde in 2019 zelfs helemaal geen omzet op.
- Onvoldoende onderbouwing. De belastingplichtige kan zijn positie als ondernemer niet voldoende onderbouwen. Hij verwijst alleen naar het verleden, wat de rechtbank onvoldoende vindt.
Vertrouwensbeginsel biedt geen uitkomst
Een interessant aspect van deze zaak was het beroep op het vertrouwensbeginsel. De belastingplichtige stelt dat de Belastingdienst tijdens een eerder boekenonderzoek (2009-2013) zijn activiteiten wél als onderneming had erkend. Het beroep op het vertrouwensbeginsel faalt. De werkzaamheden in 2019 verschillen wezenlijk van die uit 2009-2013. Bovendien betrof het eerdere standpunt van de Belastingdienst alleen de kavelhandel, terwijl juist daarin geen omzet is behaald in 2019.
Huisvestingskosten: strenge bewijslast
De belastingplichtige claimt volledige aftrek van zijn huisvestingskosten, omdat zijn woning in 2019 volgens hem uitsluitend diende als opslag en kantoor. Als bewijs toont hij foto's van dozen met papieren en stellingkasten in zijn woonkamer. De foto’s maken volgens de rechtbank niet aannemelijk dat de gehele woning uitsluitend zakelijk werd gebruikt. De belastingplichtige bewijst niet dat hij in Duitsland woonde of dat sprake is van een zelfstandige werkruimte die voldoet aan de wettelijke vereisten.
Conclusie
Het onderscheid tussen winst uit onderneming en resultaat uit overige werkzaamheden heeft grote fiscale gevolgen. De ondernemer profiteert van diverse fiscale voordelen, zoals de zelfstandigenaftrek, die niet beschikbaar zijn bij resultaat uit overige werkzaamheden. Deze rechtszaak toont dat de Belastingdienst kritisch kijkt naar de werkelijke aard van de activiteiten. Een eerdere erkenning als ondernemer biedt geen garantie voor de toekomst als de werkzaamheden veranderen. Zorg daarom voor een goede onderbouwing van het ondernemerschap en blijf voldoen aan de criteria die de Belastingdienst hanteert. Zo optimaliseer je de fiscale voordelen en verklein je de kans op onaangename verrassingen bij een controle.
Tax updates
-
Wetsvoorstel Wet Fiscale stimulering start-ups en scale-ups
Start-ups en scale-ups hebben vaak niet de financiële middelen om werknemers een concurrerend salaris te bieden. Aandelenopties kunnen hiervoor een oplossing bieden. Het voordeel uit aandelenopties is belast tegen de tarieven van box 1 van de
-
Overige voorstellen
Minder regels ‘Meer ruimte voor mensen en bedrijven, en een overheid die niet hindert, maar helpt.’ Het kabinet beseft dat dit geen origineel voornemen is, maar de aanpak moet deze keer merkbaar resultaat opleveren. Een eerste stap is:
-
Wijzigingen Milieubelastingen
Verhoging tarief belasting op leidingwater Met de belasting op leidingwater wordt er belasting geheven over de levering van leidingwater, al dan niet van drinkwaterkwaliteit. De belasting is tot nu toe beperkt tot de eerste 50.000 m³