Mogelijke opties verzachting belastingdruk box 3 voor verhuurders
Om de inkomstenderving van de Staat door het uitstel van de invoering van de Wet werkelijk rendement box 3 te dekken, heeft het kabinet voorgesteld om het forfaitaire rendement voor overige bezittingen in 2026 en 2027 met 1,78%-punt te verhogen. De Tweede Kamer heeft gevraagd om aandacht voor de belastingdruk voor verhuurders van onroerende zaken. De staatssecretaris heeft drie mogelijke opties uitgewerkt om de belastingdruk in box 3 van verhuurders te verzachten.
De eerste optie betreft het niet of gedeeltelijk verhogen van het forfait op overige bezittingen in 2026 en 2027. De tweede optie is de invoering van een kostenaftrek in de tegenbewijsregeling in 2026 en 2027. Dat leidt tot problemen in de uitvoering. In verband met strijd met het gelijkheidsbeginsel denkt de staatssecretaris dat de invoering van een kostenaftrek alleen voor onroerende zaken juridisch niet haalbaar is. De derde optie betreft het actualiseren van de leegwaarderatiotabel. Omdat de leegwaarderatio een forfait is waarmee beoogd wordt de werkelijkheid te benaderen, kan het hanteren van een andere tabel alleen plaatsvinden na een nieuw onderzoek.
Of de verhoging van het forfait voor overige bezittingen zal worden ingevoerd, is onderwerp van gesprek tijdens de voorjaarsbesluitvorming.
Tax updates
-
Ook na verliesverrekening kan de verdeling niet worden aangepast
Een man en een vrouw zijn fiscale partners van elkaar. De inspecteur legt in 2016 aanslagen inkomstenbelasting op voor het jaar 2015. In 2018 lijdt de vrouw een ondernemingsverlies. Dit verlies wordt in 2020 achterwaarts verrekend met haar inkomen
-
Personal training dga en de arbovrijstelling
Een bv krijgt een naheffingsaanslag loonheffingen met belastingrente en een verzuimboete opgelegd. De inspecteur corrigeert de kosten voor personal training en sportschoolabonnementen van de dga en zijn echtgenote. De dga vindt dat deze kosten onder
-
Blind investeren in handelsbot kost ondernemer aftrek
Een ondernemer investeert ruim € 60.000 in een handelsbot die maandelijks 10 tot 20% rendement zou opleveren. De bot blijkt niet te bestaan en de aanbieder wordt veroordeeld voor oplichting. De ondernemer wil zijn verlies aftrekken als